14 Ik maak een grapje

Humor gebruiken

Ik maak een grapje

Tips

  1. Vertel zelf grappige situaties aan je kind. Vertel het ook als je om jezelf moet lachen.
  2. Geniet samen met je kind van grappige situaties. Leer je kind dat je ook om jezelf kunt lachen.
  3. Vertel elkaar grapjes.
  4. Leg aan je kind het verschil uit tussen ‘uitlachen’ en lachen om situaties en jezelf.
  5. Leer je kind om eerst na te denken of de situatie of het grapje voor iedereen leuk en grappig is.
  6. Luister naar elkaars belevenissen. Bespreek samen de humor in deze belevenissen. Lach er samen om.
  7. Zoek samen naar het grappige, het onverwachte in het leven. Lach hier samen om als het kan.
  8. Kijk samen met je kind naar tv of lees samen in tijdschriften of boeken. Zeg het als je iets grappigs vindt.