07 Ik stel een vraag

Vragen stellen en problemen opperen

Ik stel een vraag

Doel

Leer kinderen om vragen te stellen en problemen naar voren te brengen.
Hoe weet je dat?’ Ontwikkel een vragende houding.
Zoek vraagstukken om op te lossen.

Lesideeën

  1. Vragen maar
  • Maak groepjes.
  • Laat de kinderen bij een onderwerp of thema zoveel mogelijk vragen stellen. Stimuleer om deze vragen te laten beginnen met hoe, waar, wat, wanneer en wie.
  • Bespreek met de kinderen hoe ze de antwoorden op deze vragen kunnen vinden.

Interview

  • Nodig iemand uit, bijvoorbeeld een ouder, die in de klas vertelt over zijn/haar beroep.
  • De kinderen bedenken van tevoren zoveel mogelijk vragen.
  • Stimuleer om deze vragen te laten beginnen met hoe, waar, wat, wanneer en wie.

Vragen aan elkaar

  • Laat na een boekbespreking de kinderen vragen aan elkaar stellen.
  • Variatie: stimuleer het vragen stellen in de kring of bij het vertellen over het weekend.

Wat, waar, wanneer, wie en hoe

  • Schrijf de woorden wat, waar, wanneer, wie en hoe op in een tekstballon. Schrijf in elke tekstballon één vraagwoord.
  • Pak een tekstballon. Verzin samen met de kinderen zoveel mogelijk vragen die beginnen met dit woord. Doe dit met alle tekstballonnen.